11 Reiniging & Onderhoud

In dit onderdeel wordt de reiniging en onderhoud van VKG-gevelelementen behandeld.
Achtereenvolgens komen aan de orde:

  • Voorkomen van aantasting;
  • Behoud uiterlijk;
  • Levensduur en esthetische kwaliteit;
  • Reinigingsfrequentie;
  • Reinigingsmiddelen.
  • Reiniging onderdelen
  • Gebouwbeheer
11.1 Voorkomen van aantasting

Mechanische beschadiging en inwerking van vuil kunnen het oppervlak aantasten. Tijdens de bouwperiode is er een aanzienlijk risico van mechanische beschadiging en vervuiling ten gevolge van bouwprocessen. De opdrachtgever dient geschikte maatregelen te treffen om deze beschadigingen te voorkomen. Zo moet worden voorkomen dat er cementspatten en/of andere alkalische verontreinigingen op de gevelelementen komen. Mocht dit toch gebeuren, dan moeten die onmiddellijk met veel water worden verwijderd, omdat cement, cementwater en/of andere alkalische verontreinigingen oppervlakken en ook glas, rubbers en kitvoegen kunnen aantasten.

Gedurende de beheer fase dient er aandacht gegeven te worden aan de oppervlakte van kozijnen. De oppervlakte van gekleurde kozijnen kan aangetast worden door olie- en siliconen-houdende producten, zoals zonnebrandcrème.

11.2 Behoud uiterlijk

Hoewel milieu-invloeden onder normale omstandigheden kunststof gevelelementen niet aantasten, moet men wel rekening houden met enig onderhoud voor het schoonhouden van de kunststof gevelelementen, de dichtingen en het hang-en sluitwerk.

Reiniging van kunststof gevelelementen is uiterst eenvoudig: de kozijnen worden gewoon gewassen met een zachte, vochtige spons, eventueel doordrenkt met een niet-schurend huishoudelijk reinigingsmiddel op waterbasis (niet op basis van ammoniak en chloorhoudende producten zoals bleekwater). Niet toegestaan is het gebruik van schuurmiddelen en agressieve stoffen of aromatische oplosmiddelen zoals wasbenzine, aceton, terpentine, petroleum, white spirit, spiritus en dergelijke.

Enkele speciale aandachtspunten:

  • nooit de kozijnen droog reinigen, om krassen of schrammen op het oppervalk te voorkomen;
  • het verven van kunststof kozijnen wordt afgeraden. Wilt u toch de kunststof kozijnen verven, dan moet u contact opnemen met de leverancier om te bepalen wat de mogelijkheden zijn;
  • wilt u een kleur op de kunststof kozijnen, dan moet u kiezen voor PMMA, gecoate profielen, folie of lichtgekleurd in de massa.
11.3 Levensduur en esthetische kwaliteit

Vuil en vocht, inwerking van zuren, zouten en andere agressieve stoffen beïnvloeden de levensduur negatief. Daarom is voor behoud van levensduur tijdig reinigen noodzakelijk. Bij het wassen van glas moet voorkomen worden dat vervuild waswater achterblijft op de profilering van de ramen en kozijnen. Daarom moet bij het wassen van glas de omliggende profilering worden meegewassen.
We adviseren de reiniging van gevels te laten uitvoeren door deskundige bedrijven met specifieke kennis op dit gebied.

11.4 Reinigingsfrequentie

De reinigingsfrequentie wordt vooral bepaald door de vuilbelasting van de gevelelementen. Belastende factoren zijn:

Omgevingsfactoren
• ligging binnen 25 km van de kust (zout neerslag);
• ligging direct boven maaiveld (opspattend vuil);
• ligging boven water (condens);
• stedelijk gebied (uitstoot verbrandingsgassen);
• industriële omgeving (uitstoot chemicaliën, rookgassen, ertsstof);
• verkeersbelasting (zwavelverbindingen, stikstofver¬bindingen, stofdeeltjes van remvoeringen, ijzer- en koperdeeltjes van railverkeer);
• overdekte gebieden (geen beregening);
• bevuiling door dieren (honden, katten, vogels).

Gebruiksfactoren
• moeilijk bereikbaar voor doelmatige reiniging;
• veel handeling (deuren).

Oriëntatiefactoren
• ongunstige ligging op de zon;
• weinig beregening.

Bij een of meer van deze factoren spreken we van een verhoogde belastingfactor. In alle andere gevallen van een normale belastingfactor. De mate waarin een oppervlaktebehandeling al dan niet in combinatie met het onderliggende kunststof kan worden aangetast door bovenstaande factoren is afhankelijk van:

a. het type oppervlaktebehandeling (o.a. folies);
b. de applicatie;
c. de ernst en de duur van de belastende factoren.

De eerste twee punten worden (eventueel op advies van een deskundige) met de opdrachtgever overeengekomen en door de VKG-garantie afgedekt. Het derde punt valt buiten de verantwoording van de VKG-leverancier, maar onder de verantwoording van de opdrachtgever, c.q. de beheerder of gebruiker die tevens verantwoordelijk is voor het daadwerkelijk uitvoeren van het onderhoud en inspectie. Het is daarom van belang dat direct na plaatsing, ook tijdens de bouw, aan de hand van regelmatige en tijdige inspectie de reinigings,- onderhouds,- en inspectiemomenten worden vastgesteld en zo nodig worden bijgesteld. Dat kan dus per project verschillen. Bij deze inspectie moet met name gekeken worden naar de graad en de aard van de vervuiling en naar de vuilbelastende factoren. Degene die de inspectie uitvoert dient over een ruime mate van kennis en ervaring te beschikken.

Tabel 11a: Indicatie gevelreinigingsfrequentie voor kunststof gevelelementen

plaatje 11.4.jpg

11.5 Reinigingsmiddelen

Voor al de te gebruiken reinigingsmiddelen geldt dat deze de toegepaste materialen en hun oppervlaktebehandeling niet mogen beschadigen of aantasten. Alleen neutrale middelen met een pH-waarde tussen 6 en 8 zijn toegestaan. Daarbij mogen deze middelen niet krassen. Reinigen met staalwol, schuurpapier, oplosmiddelen en dergelijke is eveneens niet toegestaan. Reinigen met water onder hoge druk kan schade aan de de gevel veroorzaken. Tijdens het reinigen kan door het optredende hoogteverschil de waterdruk in de reinigingsinstallatie toenemen. Voornamelijk bij hoogbouw dient hier rekening mee gehouden te worden.
Bij gekleurde VKG-gevelelementen kunnen de volgende reinigingsmiddelen worden gebruikt:

Lichtgekleurd in de massa
Moeilijk te reinigen profielen kunnen worden behandeld met speciale, in de handel verkrijgbare, reinigingsmiddelen die het kunststof oppervlak niet aantasten, bijvoorbeeld teflonhoudende was of een gelijkwaardig product.

Folie
Voorgaande algemene richtlijnen zijn geldig. Ramen met acrylaatfolie mogen niet gereinigd worden met een stoomreiniger. Het gebruik van een stoomreiniger laat witte vlekken na die moeilijk te verwijderen zijn. Geen gebruik maken van polijst- of schuurmiddelen..

Gecoate of gelakte profielen
De gecoate profielen kunnen eenvoudig met een gewoon huishoudelijk reinigingsproduct op waterbasis (niet op basis van o.a. bleekwater en ammoniak) met een zachte spons gereinigd worden. De gecoate profielen zijn goed bestand tegen chemische producten, behalve tegen agressieve producten zoals methyleenchloride, waterstofperoxide, cellulosethinner, aceton, en dergelijke.

PMMA
Profielen met een PMMA-toplaag kunnen eenvoudig met een gewoon huishoudelijk reinigingsproduct op waterbasis met een zachte spons gereinigd worden. Dergelijke profielen zijn ook goed bestand tegen chemische producten. Reinigingsproducten met meer dan 30% alcohol mogen niet gebruikt worden. Als alternatief kan wasbenzine worden gebruikt.

11.6 Reinigingsonderdelen
11.6.1 Hang-en-sluitwerk

De opdrachtgever  dient regelmatig het hang-en sluitwerk van ramen en deuren te onderhouden. Ten minste eenmaal per jaar moet het hang-en sluitwerk op zijn werking worden gecontroleerd en waar nodig gesmeerd te worden. Als het gebruik van mechanische aandrijvingen, zoals vloerveren, deurdrangers en automatische aandrijvingen van (schuif)deuren afwijkt van de gekozen uitgangspunten ten tijde van het ontwerp, dan dient deze frequentie conform de aanwijzingen van de fabrikant/leverancier te worden aangepast. We bevelen aan voor het onderhoud van hang-en sluitwerk en mechanische aandrijvingen met de leverancier een onderhoudscontract af te sluiten om zeker te zijn van een langdurige optimale werking van deze producten.

11.6.2 Glas en beglazingsrubber

Om aantasting van het glasoppervlak door neergeslagen vuil te voorkomen moet ook glas regelmatig worden gereinigd. Daarbij moet voorkomen worden dat op de omliggende profilering van de ramen en kozijnen vuil waswater achterblijft. Die omliggende profilering moet dus altijd worden meegewassen. Ondanks de goede werking van beglazingsrubbers wordt in de constructie rekening gehouden met enige watertoetreding in de sponning. De randverbinding van isolatieglas mag niet langdurig worden belast met water. Om te voorkomen dat te veel water en vuil in de sponning kan dringen is periodieke controle van de beglazingsrubbers nodig. Hierbij moet vooral gelet worden op een goede aansluiting van de rubbers in de hoeken. Meestal concentreert vuil zich bij beglazingsrubbers. Bij het reinigen hiervan geven de beglazingsrubbers zelf niet af. Dit gebeurt echter wel als siliconen zijn gebruikt. In elk geval mag er geen spiritus in het water zitten.

Waterafvoergaten in de sponning zorgen ervoor dat binnengedrongen water naar buiten wordt afgevoerd en de sponning wordt belucht. Een periodieke controle op de goede werking (niet verstopt zijn) van de waterafvoergaten is noodzakelijk. Voor controle van zowel de beglazingsrubbers als de waterafvoergaten kan, afhankelijk van ligging en oriëntatie, een frequentie worden aangehouden van 1 tot 3 jaar.

11.6.3 Ventilatieroosters

Ventilatieroosters moeten minimaal eenmaal per jaar inwendig worden gereinigd volgens de reinigingsvoorschriften van de fabrikant. De buitenzijde van de ventilatieroosters moet even vaak worden gereinigd als de gehele gevelelementen.

11.7 Gebouwbeheer

De opdrachtgever moet bij het ontwerp van het gebouw rekening houden met het feit dat alle gevelelementen aan het gebouw veilig bereikbaar dienen te zijn voor reiniging, onderhoud en inspectie. Daarvoor moet een voorziening aan het gebouw zijn aangebracht. Bij de oplevering van een werk levert de VKG-gevelelementenfabrikant onderhoudsvoorschriften voor de gebouwbeheerder. Hierin staan aanwijzingen voor preventief onderhoud en inspectie, reiniging, aandachtspunten, et cetera.

Een goedgekeurd onderhouds- en inspectieplan kan bijdragen aan de goedkeuring van het gebruik van bepaalde materialen en/of componenten binnen een bouwvergunning. De eigenaar en/of gebouwbeheerder dient periodieke inspecties uit te voeren ten aanzien van de constructieve aspecten van de gevel conform de methodiek die beschreven staat in NEN 2767-1. Als indicatie voor de urgentie en frequentie van de uitvoering van deze periodieke controles kan de informatie uit de onderstaande onderhouds- en inspectiematrix aangehouden worden. Deze matrix kan afhankelijk van de gebruikte materialen en componenten aangepast en/of aangevuld moeten worden.

Tabel 11b Onderhouds- en inspectiematrix

plaatje 11.7.jpg