8.2.7 Scheidingsconstructies

In NEN 6069 (alsook in NEN-EN 13501-2) zijn vier criteria beschreven waaraan een scheidingsconstructie moet worden getoetst:

a. vlamdichtheid betrokken op afdichting (W);
b. thermische isolatie betrokken op temperatuur (I);
c. thermische isolatie betrokken op warmtestraling (E);
d. bezwijken (R).

Tussen haakjes is aangegeven met welke letter het criterium volgens NEN-EN 13501-2 wordt aangeduid. Het is niet nodig dat elk constructieonderdeel aan alle criteria voldoet.

E - Vlamdichtheid betrokken op afdichting
Het bouwdeel mag geen hete gassen en/of vlammen doorlaten. Er wordt niet meer aan dit criterium voldaan indien:

• er te grote openingen ontstaan (? 25 mm of 6 mm breed en 150 mm lang; 6 mm x 150 mm-eis geldt niet voor onderdorpel van branddeuren en -luiken)
• aan de niet-verhitte zijde gedurende ten minste 10 seconden onafgebroken vlammen zichtbaar zijn
• gedroogde watten aan niet-verhitte zijde ontvlammen

plaatje 8.2.7.1.jpg

I - Thermische isolatie betrokken op temperatuur
Om spontane ontbranding tegen te gaan van materialen die grenzen aan de niet-verhitte zijde van de scheidingsconstructie, mag de temperatuur aan de niet-verhitte zijde niet te hoog oplopen. De grens ligt in dit geval bij 140º C gemiddeld voor het gehele proefstuk en plaatselijk maximaal 180º C.

plaatje 8.2.7.2.jpg

W - Thermische isolatie betrokken op warmtestraling
Dit criterium moet ervoor zorgen dat de (warmte-)energietoevoer aan de niet-verhitte zijde niet te hoog is. Bij een te hoge warmtestraling (hoger dan 15 kW/m2) kunnen materialen spontaan ontbranden, zodat de brand zich op die manier kan voortplanten via scheidingsconstructies.

plaatje 8.2.7.3.jpg

R - Bezwijken
De scheidingsconstructie mag door brand niet te veel vervormen. De constructieonderdelen moeten in de test belast worden volgens gestandaardiseerde brandomstandigheden, de standaardbrandkromme. Een uitzondering wordt gemaakt voor constructieonderdelen die van buiten naar binnen worden belast, zoals gevels, deuren en ramen in deze gevel. In deze gevallen zal de temperatuurbelasting op het constructieonderdeel geringer zijn. Deze constructieonderdelen worden bij de bepaling dan ook belast volgens de gereduceerde standaardbrandkromme. Bij deze kromme loopt de temperatuur maximaal op tot 659º C.
Indien tussen ruimten waaraan WRD-eisen worden gesteld VKG-gevelelementen worden gebruikt, zullen die gevelelementen, inclusief hun aansluitingen, in een bepaalde mate rookwerend moeten zijn. Zij moeten volgens NEN 6075 een voorgeschreven aantal minuten weerstand bieden tegen rookdoorgang.

plaatje 8.2.7.4.jpg