2.5.3 Grondstof
2.5.3.1 PVC

Pvc is een kunststof die al ruim zeventig jaar bestaat. Pvc-producten worden gebruikt omdat pvc:

• een zeer veelzijdige kunststof is,
• een goede prijs-prestatieverhouding heeft,
• een lange levensduur heeft en
• zich goed laat verwerken.

Bovendien kunnen de eigenschappen van pvc door compounderen gevarieerd worden en dus goed afgestemd worden op de toepassing. Pvc wordt voor 57 procent vervaardigd uit chloor uit keukenzout en voor 43 procent uit ethyleen uit aardolieproducten. De productie vindt plaats in een gesloten proces.

2.5.3.2 Fabricage

Pvc verlaat de fabriek in de vorm van een wit poeder. Aan dit poeder worden - afhankelijk van de gewenste eigenschappen, sterkte, stijfheid of flexibiliteitsmiddelen toegevoegd, waarna een compound ontstaat die verder verwerkt kan worden. Via extrusie worden tal van producten gemaakt. Bij het extruderen wordt onder druk en verhoogde temperatuur de compound door een metalen matrijs geperst. Daarna wordt de compound, om de gewenste vorm te behouden, in een kalibreereenheid vacuüm gezogen, waarna hij langzaam wordt afgekoeld.

Van nature is pvc een hard en nogal bros materiaal. Daarom worden aan pvc enkele stoffen toegevoegd. Afhankelijk van de gekozen toevoegingsmiddelen krijgt het pvc de gewenste sterkte, stijfheid of flexibiliteit. Met toevoegingen is bijvoorbeeld de kerfslagwaarde ten opzichte van puur pvc meer dan tien keer te verhogen tot circa 50 kJ/m2.

2.5.3.3 Twee groepen

Met betrekking tot sterkte, stijfheid of flexibiliteit worden globaal twee groepen van pvc-toepassingen onderscheiden:

• hard pvc voor toepassingen als kozijnprofielen, buizen en platen 
• zacht pvc voor toepassingen als vloerbedekking, slangen en folies.

Het pvc dat in deze VKG-kwaliteitseisen en adviezen® wordt omschreven, is altijd uit de eerste groep: hard pvc.